Theo Witjes, Doesburg 1951

Theo Witjes, Doesburg 1951

Mijn ouders woonden, toen zij net getrouwd waren, aan het begin van de Veerpoortstraat op een bovenwoning. Begin jaren vijftig werden de huizen aan de Oranjesingel opgeleverd en kregen mijn ouders daar een huis. Daar ben ik geboren. Mijn twee oudere broers waren er al en later kreeg ik nog twee zusjes. Met de voetbalvelden, de Batterijen en de oude IJssel voor de deur was dat voor ons heel mooi wonen en hadden wij een prachtige speelplek. De lagere school waar ik naar toe mocht, stond in de Veerpoortstraat. Dat was een Katholieke jongensschool. Vanaf de Oranjesingel liep ik erheen door de binnenstad. Onderweg kwam ik veel en zelfs steeds meer, huizen tegen met het witte bordje: onbewoonbaar verklaarde woning. Doesburg was toen niet op zijn mooist.

Mijn vader kwam, zoals de meeste ‘Witjes’, uit Giesbeek. De meeste jonge knapen uit Giesbeek gingen indertijd werken bij de steenfabriek Bingerden aan de andere kant van de IJssel. Om daar te komen lieten zij zich overzetten met behulp van een roeiboot. Ook mijn vader heeft hier gewerkt, totdat hij het werk van metselaar genoeg had afgekeken en zich bij een aannemer uitgaf voor metselaar, aangenomen werd en dat vak de rest van zijn leven heeft uitgeoefend.

Op Pinksterzaterdag 1968, kort nadat hij achttien was geworden, heeft mijn broer een dodelijk ongeluk gehad met zijn zelf samengestelde motorfiets. Dit heeft bij mij een diepe wond achtergelaten. Pinksterzaterdag is dan ook elk jaar weer een bijzondere dag. Later ben ik zelf toch gaan motorrijden en heb daar veel plezier aan beleefd en mooie herinneringen aan overgehouden.

Toen ik verkering kreeg met Henny was er geen woning voor ons in Doesburg. Wij hebben daarom eerst anderhalf jaar in Doetinchem gewoond. Daarna konden we het huis van Henny’s opa in de Hoogestraat kopen. Mijn schoonvader, stadsboer Coenraadts uit de Nieuwstraat (het pand met de nu blauwe muren) was raadslid en wethouder in Doesburg. Hij heeft zich mede sterk gemaakt voor het herstel en de renovatie van de stad en zich verzet tegen sloop.

Na mijn opleiding aan de technische school ben ik gaan werken bij Vitatron in Dieren. Omdat ik nog maar 15 jaar was moest ik bij de gemeente een ontheffing van de leerplicht aanvragen. Ik heb vervolgens bij een aantal bedrijven gewerkt, totdat ik in 1975 ontslag kreeg. Omdat werk vinden niet lukte en wij net kinderen hadden ben ik huisvader geworden. Dat heb ik vijf jaar gedaan tot onze kinderen naar school gingen. Ik ben toen in dienst gekomen als beheerder van de sporthal Beumerskamp. Henny was vanaf 1981 kleuterleidster op de Wetelaar, tot zij in 2004 overleed.

Naast het beheren van de sporthal had ik nog tijd over en startte een eigen drukkerij. Vijftien jaar heb ik die offsetdrukkerij gedraaid tot de digitalisering zijn intrede deed en mijn grootste klant afscheid nam. Toen vonden wij het wel mooi zo.

Nu gaat het allemaal wat minder door een serieus hartprobleem dat de nodige aandacht vraagt, maar ook het aanpassen van mijn activiteiten.