Martin de Kleijn, Leiden 1940

Martin de Kleijn, Leiden 1940

Vier jaar geleden zijn wij naar Doesburg gekomen. We kenden het mooie Hanzestadje al van onze vakanties in de zestiger jaren toen we op de camping in Eerbeek stonden. We gingen graag een dagje naar Doesburg. Nu ik er woon merk ik dat mijn kijk toen veel oppervlakkiger was. Dat Doesburg er in die tijd slecht aan toe was heb ik me toen niet zo gerealiseerd.

Door lid te worden van allerlei verenigingen en clubs maakte ik al spoedig contacten en voelde ik me snel thuis.

Wonen aan de IJsselkade ervaar ik elke dag als een feest. Er gebeuren heel vaak onverwachte dingen. Zo kun je in de weilanden een zweefvliegtuig zien landen, een kalfje geboren zien worden en in de winter de Nederlandse kampioenschappen stepsleeën zien. Pal voor ons appartement staat een groot bord met 902 erop. Dat is de afstand tot aan Basel over water gemeten. In die stad woont onze dochter, dat kan geen toeval zijn.

De omgeving is ook prachtig. Fietsen over de dijk naar Bronckhorst of de Achterhoek inrijden op een mooie zonnige dag of door de bossen van de Veluwe trekken is heerlijk.

Ik heb meerdere hobby’s, zo maak ik tekeningen, ik schrijf gedichten. Ook verzamel ik zilveren antieke mosterdpotjes. Wellicht is dat het begin van een nieuw museum à la het René Lalique museum, ook alweer zo’n parel in het Hanzestadje. Wie weet komt het er ooit eens van!

Een prijswinnend gedicht:

 D O E S B U R G

 

Waar d' IJsselstroom zich naar het oosten buigt

Haar water stuwend naar andere einder

Waar wolken en weiden van harmonie getuigt.

 

Waar d' Oude IJssel haar voleinding vindt

En zich als een kind aan een moeder bindt.

 

Daar ligt als er naar toe gedragen

Een stadje tussen Liemers en Veluwe Massief

Een stee die de tijd lijkt te doen vertragen

Als een parel in het Achterhoeks decoratief.

 

Doesborgh werd Doesburg in zijn lange bestaan

De middeleeuwse handelsgeest is gebleven

In cultuur en historie is weinig teloorgegaan.

 

Tradities en erfgoed staan hoog in in 't banier

Dat geldt voor elk Doesburg's stadskwartier.

 

Waar kan een mens nog beter bevolken

Een haven zijn voor die het wenst

Hoe kan men Doesburg nog beter vertolken

Terwijl het aan het onbeschrijfelijke grenst.