Chantal Uwamahoro, Kigali 1974

Chantal Uwamahoro, Kigali 1974

Kigali -de hoofdstad van Rwanda- is mijn geboorteplaats. Daar woonde mijn tante. Mijn jeugd heb ik doorgebracht in het uiterste noorden van Rwanda, tegen de grens van Oeganda. Mijn ouders woonden daar, met zeven kinderen, in een klein dorp. Ze waren welvarend omdat mijn vader een zakenman was, hij handelde in bonen, maïs en noten die hij naar de hoofdstad bracht. Bier, zout, suiker, rijst en aardappelen nam hij mee terug.

In de omgeving groeide er aan de bomen een overvloed aan groene bananen die wij aten als een soort aardappel.

Ik weet nog dat mijn oom fotograaf was en portretten en pasfoto’s maakte. Vervolgens duurde het zeker twee maanden voor de foto’s klaar waren omdat alleen in de hoofdstad mogelijkheden waren om films te ontwikkelen en foto’s af te drukken.

In 1990 kwam er van uit Oeganda oorlog naar Rwanda. Daarop moesten wij elke keer verder naar het zuiden vluchten. Na vier jaar kwam ik in een vluchtelingenkamp in buurland Zaïre terecht. Maar ook daar was het niet veilig. Via Tanzania, Malawi en Mozambique en Zuid-Afrika kwam ik weer vier jaar later uiteindelijk in Nederland terecht.

Door te werken in de kampen kon ik geld sparen om deze vluchtreizen elke keer te betalen.

Ook in Nederland kwam ik weer in een kamp terecht, een asielzoekerscentrum. Emmeloord, Strijen, Helmond, Elst, Nijmegen en tenslotte in 2012 in een eigen huis in Doesburg samen met mijn twee kinderen.

Mijn broers en zussen wonen nu allemaal ergens anders. Zo heb ik een zus in Zuid-Afrika en een andere woont in Canada.

Mijn moeder had, na de oorlog, in Rwanda een groot huis waar zij vrouwen en kinderen opving die hulp nodig hadden. Mijn moeder heeft altijd graag andere mensen willen helpen, mijn vader vond dat niet zo leuk. Nadat zij is overleden heeft mijn broer deze taak overgenomen. Vanuit Nederland steun ik hem daarbij door hem regelmatig geld te sturen dat ik heb gespaard.