Agnes Kant, Hessisch Oldendorf 1967

Agnes Kant, Hessisch Oldendorf 1967

Pionieren dat vind ik heel leuk, dat heb ik van mijn ouders. Zij waren beide leraar in Oost Groningen en wilden wat anders. Er was een aantal mogelijkheden waaronder met het circus mee om die kinderen les te geven en in het buitenland les geven aan Nederlandse kinderen. Het werd het laatste, lesgeven aan kinderen van Nederlandse militairen die in Duitsland waren gestationeerd. Daar ben ik geboren en heb er tien jaar gewoond. Ik vond dat ik niet zo goed Duits sprak, maar terug in Nederland blonk ik op de middelbare school wel uit in het vak Duits. Dat vond met name mijn leraar Duits prettig. Terug in Nederland werd eerst mijn vader directeur van de Mavo in Brummen, daar waar we toen ook woonden. Mijn moeder is na een aanvullende studie voor aardrijkskundedocent directrice van de Moeder-Mavo in Zutphen geworden. Beiden bleven daarnaast lesgeven, dat kon toen nog.

Ik heb een studie gezondheidswetenschappen in Nijmegen gedaan. Eigenlijk wilde ik een studie medicijnen doen, maar dan moest je in lichamen snijden en dat wilde ik niet. Bleek dat ik bij mijn studie ook moest snijden. Na een paar minuten weet je niet meer beter, dus dat was geen probleem. Gezondheidswetenschappen is een heel analytische studie en daar heb ik in mijn politieke carrière heel veel profijt van gehad. Nu ben ik weer terug in mijn vakgebied.

In 1990 ben ik vanuit Nijmegen in Doesburg komen wonen, in Beinum. Voor een buurtonderzoek kwam Willem Bouwman langs. Ik was al lid van de SP en werd gelijk aangestoken ook actief te worden en ben zo in de actieve politiek gerold. Bij de SP is dat onder en met de bevolking, dus ik leerde de Doesburgers heel snel kennen. In Den Haag voelde ik mij wat ontheemd. Hoewel ik ook bij de landelijke SP vrienden voor het leven heb gemaakt, is de sociale omgang met Brabanders, Limburgers en Westerlingen toch anders. Ik merkte ook dat ik makkelijker kon omgaan met medewerkers uit het noorden en oosten.

De avond na mijn aftreden als fractievoorzitter wist ik dat ik weer veel meer tijd in Doesburg zou zijn. Ik voelde toen ik die avond weer in Doesburg was: “ik ben weer thuis”. Nu ik wat meer in Doesburg ben word ik direct weer opgenomen in een hardloopgroepje en groeien de sociale contacten weer. Heerlijk vind ik dat die Achterhoekse mentaliteit. Je wordt flink in de maling genomen, er is een vreemd soort galgenhumor en je moet je vooral niets verbeelden. Maar als er iets is kan je alles kwijt, en als er echt iets is staan ze voor je klaar. Doesburg heeft wel een speciaal plekje in mijn hart omdat mijn twee kinderen hier zijn geboren, mijn man zijn bedrijf hier heeft, mijn politieke carrière hier begonnen is en ik hier nu het langste deel van mijn leven woon. Ik werk nu bij het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb in Den Bosch en wordt vanaf 1 april directeur. Dat is wel een eind rijden maar dat heb ik er voor over.

In de politiek zal ik niet meer actief worden maar ik wil nog wel adviezen geven aan mensen die initiatieven ontplooien zoals laatst in Doesburg, Zorg voor Elkaar, om de problemen in de thuiszorg onder de aandacht te brengen. Ik ga die kar niet meer trekken want ik vind het mooi dat mensen zelf zo in actie komen voor de zorg. Ik blijf uiteraard wel betrokken, ik zou niet anders kunnen.